U bent hier: Faculteit Wetenschappen Alumni Een wetenschapper vertelt...

Een wetenschapper vertelt...

Wiskunde

Jürgen Verschaeve, financieel analist bij KBC Asset Management

jurgen_wisk.jpgIk ben verantwoordelijk voor het beheer van de passieve aandelenfondsen en de gemengde (aandelen, obligaties, vastgoed en cash) retailmandaten. In het totaal beheert mijn groep zo'n 4 miljard euro aan vermogen, waarbij het onze taak is dit vermogen op lange termijn een zo groot en stabiel mogelijke groei te laten kennen. Hiervoor maken we veelvuldig gebruikt van kwantitatieve technieken. Een goed voorbeeld is het gebruik van diverse wiskundige optimalisaties in het kader van risicominimalisatie en maximalisatie van het "nut" van de cliënt, waarbij dat nut gedefinieerd wordt via de trade-off tussen rendement en risico. Ook binnen het kader van derivatenwaardering is een grondige wiskundige kennis onontbeerlijk. Deze derivaten zijn vrij nieuw in de markt, en hebben, door hun voorwaardelijke karakter, vaak een niet zo eenvoudige (theoretische) prijsvorming. Binnen het vermogensbeheer wint de "kwantitatieve" aanpak meer en meer aan belang. Om cliënten een zo goed mogelijke vergoeding voor hun risico te geven, volstaat het niet meer een pure expert in financiën te zijn. Een beslissing op individueel effectenniveau (zoals een financieel analist vaak nastreeft) is vaak van ondergeschikt belang tegenover een beslissing op portefeuilleniveau, waar men door een juist gedoseerde spreiding de klant moet trachten te beschermen tegen waardeverlies. We vinden wiskundigen dan ook overvloedig terug in diverse geledingen van het beheer: de financial engineering (productontwikkeling), het beheer, de risicocontrole en de systeemprogrammatie (IT).

Informatica

Luc Deraedt, gewoon hoogleraar

deraedt_inform.jpeg"Ik behoorde tot de eerste lichting studenten die de titel van Licentiaat Informatica in 1986 behaalden. In 1991, was ik ook de eerste die de titel van Doctor in de Informatica aan de KU Leuven behaalde. Ik verdedigde een proefschrift rond "Interactive Concept-Learning", dat in 1992 gepubliceerd werd door Acamedic Press. In de periode 1986 tot 1999 was ik achtereenvolgens assistent, post-doctoraal onderzoeker, deeltijds docent en deeltijds hoofddocent met sinds 1991 een beurs van het FWO. Sinds april 1999 ben ik gewoon hoogleraar aan de Albert-Ludwigs-Universitaet te Freiburg, Duitsland, alwaar ik de leerstoel voor Machinaal leren en natuurlijke taalverwerking bezet. Ik ben vooral geinteresseerd in data mining, machinaal leren en hun toepassingen in de bio- en chemo-informatica. Data mining wil effectieve en efficiente werktuigen ontwikkelen om interessante nieuwe patronen uit data te extraheren. Hiertoe combineert het technieken uit gegevensbanken, kunstmatige intelligentie en statistiek. Machinaal leren wil systemen en programma's ontwikkelen die leren uit ervaring. Rond beide thema's was en ben ik bijzonder actief als coordinator van verschillende Europese onderzoeksprojecten, in het bijzonder rond het zogenaamde inductief logisch programmeren, de studie van data mining binnen expressieve logische representaties. Momenteel bereid ik een handboek voor rond dit onderzoeksthema."

Rudi Maelbrancke, IT werkvoorbereidingsmanager

rudy_inform.jpeg.jpg"Ik studeerde af als licentiaat informatica in 1989 met een eindwerk in het domein van de informaticadidactiek waarin een didactische programmeeromgeving voor kinderen, gebaseerd op LOGO ontwikkeld werd. Daarna werd ik ingezet in de onderzoeksgroep van Henk Olivié . Deze groep was toen nog toegespitst op Informaticadidactiek en gegevensbanken. Na een periode van voortgezet onderzoek over toepassingen voor computerondersteund onderwijs, startte ik met basisonderzoek binnen het domein van gegevensstructuren. Het onderzoek was gericht op gebalanceerde bomen en ruimtelijke ordening van gegevens. In 1996 promoveerde ik op dit onderzoek tot doctor in de informatica. In 1996 ben ik gestart als informatica-architect binnen de IT-afdeling van de toenmalige Kredietbank. Deze beleidsadviserende functie omvatte het uittekenen van IT-architectuur op een functioneel niveau. In 1999, tijdens de fusie, werd ik na mijn betrokkenheid bij het uittekenen van het resulterend informaticaplatform voor het nieuwe KBC, opgenomen in het IT middlemanagement. Ik werd hoofd van een achttal teams met als missie ontwikkeling en onderhoud van clientinformatiesystemen. In 2001 werd ik verantwoordelijk voor de voorstudies van het volledige domein toepassingsinfrastructuur zoals clientsystemen, boekhouding, outputsystemen, personeelssystemen en ERP. Hij was ondermeer verantwoordelijk voor de introductie en opzet van SAP binnen de KBC Bankverzekeringsholding. Op dit ogenblik maak ik deel uit van de cel van werkvoorbereidingsmanagers die de inhoudelijke IT-strategie bepaalt voor de KBC bankverzekeringsholding. Dit houdt in dat ik dat belast ben met het begeleiden van de interne klant bij het opstellen en verdedigen van businesscases, het aansturen van een team van programmamanagers en voorstudieleiders in de uitwerking van oplossingen, het bepalen en bewaken van de ICT-strategie van de toepassingsinfrastructuur (boekhouding, clienten, ERP (SAP), ...), aansturing van een team van businessanalisten, enz.... Mijn ICT-achtergrond is een noodzakelijke voorwaarde om in deze rol vlot de juiste beslissingen te nemen die zowel voor de klant als voor ICT het meest efficient en effectief zijn.

Fysica

Griet Sceeren werkt bij Philips als ontwikkelingenieur voor projectielampen

griet_fys.jpg"Mijn Fysica opleiding heeft me een algemene achtergrond gegeven die goed van pas kwam tijdens de analyses. Ook de nadruk op teamwerk tijdens mijn doctoraat vormt een essentieel onderdeel in de industrie. In mijn huidige job als design-in manager vorm ik de brug tussen de klant en de ontwikkelafdeling. Het leren rapporteren en presenteren werd op de afdeling Kernfysica als een essentieel onderdeel van de opleiding beschouwd en ik heb dit altijd als een pluspunt ervaren bij het overbrengen van de technische informatie naar de klant."

 

 


Eddy Verbist, Kwantitatief Onderzoek, Aandelenbeleggingen, ING Investment Management

eddy_fys.jpgGeïntrigeerd door het contra-intuïtieve wereldbeeld geschetst door de kwantummechanica koos ik in 1973 voor natuurkunde. Gaandeweg merkte ik dat het modelleren van de meer dagdagelijkse werkelijkheid me meer boeide dan het theoretische werk aan de structuur van het uni(multi)versum. Tijdens mijn doctoraatsjaren als experimenteel fysicus aan het Instituut voor Kern- en Stralingsfysica raakte ik almaar meer gecharmeerd door computers als modelleringinstrument bij uitstek en deed ik ervaring op in software-ontwikkeling. In 1973 waren computers nog vrijwel onvindbaar en was de rekenliniaal nog gangbaarder dan de rekenmachine, maar toen ik in 1984 de KUL verliet waren PC's al ingeburgerd. Wanneer Silvar-Lisco me vroeg als senior software ingenieur te komen werken aan computergestuurde ontwikkeling van geïntegreerde schakelingen, ging ik daar graag op in. Maar na een jaar of vijf begon dit toch wat te veel op productie en te weinig op onderzoek te lijken. Toen maakte de pers wereldkundig dat ene Van Rossem econometrisch de aandelenbeurs lucratief kon modelleren. Computer- en onderzoekservaring toepassen op zo een intrigerend domein was onweerstaanbaar toen hij wat later een informaticus en econometrist zocht. De bibliotheek van de faculteit economie en mijn opleiding lieten me toe mijn nieuwe onderzoeksdomein snel te leren kennen. Toen zowat een jaar later Van Rossem zijn bedrijf opdoekte, besloot ik in de financiële sector te blijven omdat ik daar nog erg veel braakliggend en interessant terrein onderkende. Vandaar werd de Bank Brussel Lambert (thans ING) mijn volgende werkgever. Aanvankelijk hield ik me daar vooral bezig met operationeel onderzoek zoals kwaliteitsmeting en optimalisatie van beleggingsprocessen en het opbouwen van databanken. Gaandeweg meer inhoudelijk met de diverse beleggingsprocessen, maar steeds vanuit een kwantitatieve modellering met robuuste backtesting als validering. Steeds meer heb ik zelf mijn opdracht kunnen invullen omdat men mijn inschatting van mogelijkheden en effectiviteit vertrouwd, waardoor ik met veel plezier werk. Ik heb steeds veel appreciatie en respect ondervonden voor mijn natuurkunde opleiding en computerervaring die toelaat onderzoekspistes snel te implementeren.

Steven Stroeykens, wetenschapsredacteur bij De Standaard

steven_fys.jpgJournalist worden, het lijkt niet meteen een voor de hand liggende beroepskeuze voor een natuurkundige. Maar als het je passie is om over wetenschap te vertellen of te schrijven, of als je mee een brug wil helpen bouwen tussen de wetenschap en de samenleving, of als je gewoon graag van dag tot dag wil volgen wat er beweegt aan het front van de wetenschap, dan is wetenschapsjournalist een job uit de duizend.
Als wetenschapsredacteur bij de krant De Standaard schrijf ik over onderwerpen die uiteenlopen van het ontstaan van het heelal tot de nieuwste Internet-technologie. Het werk geeft me de kans om met telkens weer nieuwe vakgebieden kennis te maken en om wetenschappers van over de hele wereld te ontmoeten. Een stevige wetenschappelijke bagage, die ik heb meegekregen in mijn opleiding natuurkunde, is daarbij van onschatbare waarde.


Chemie

Biochemie en biotechnologie

Jos De Sadeleer, Hoofd van de onderzoeksafdeling ‘nieuwe ingrediënten’ van het onderzoeks- en ontwikkelingslaboratorium van Cerestar gevestigd in Vilvoorde

desadeleer_bioch.jpgIk werd aangeworven op het onderzoekslaboratorium van de voedingsmultinational Cerestar net voor de verdediging van mijn doctoraal proefschrift begin 1983. Eén van de argumenten was de doorgedreven opleiding eiwitchemie die het laboratorium Biochemie van de KU Leuven aanrijkt. Er werden nadien trouwens nog verschillende alumni van het laboratorium door ons bedrijf aangetrokken. Dit is niet verwonderlijk: in een wereld waar biotechnologie in onderzoekslaboratoria hoogtij viert is het niet eenvoudig om goed opgeleide chemici te vinden met een gedegen basisopleiding van klassieke biochemie (eiwit-, suiker- en lipidenchemie). De voedingsmiddelensector – waartoe Cerestar behoort – heeft nood aan deze specialisten om de uitdagingen van de ontwikkeling van nieuwe ingrediënten voor nieuwe eetwaren voor de steeds kritischer wordende consument in de veranderende wereld van ‘convenience-’ en ‘microwave food’ te ondersteunen. Inmiddels maakt ons bedrijf deel uit van Cargill, een van de grootste voedingsmiddelenbedrijven ter wereld, actief in veel sectoren. Graanhandel, productie van zetmeel en van soya eiwitten, verwerking van oliehoudende zaden, diervoeding, vleesverwerking, handel en verwerking van cacao en van vruchten en vruchtensappen: echt alles komt aan bod. Door ons centrum verder uit te bouwen hier in Vlaanderen bevestigt dit Amerikaans bedrijf zijn vertrouwen in de opleiding die studenten hier krijgen, en dus de ondersteuning die werknemers hier aan de verdere uitbouw van het bedrijf kunnen geven. Het is mijn overtuiging dat de gedegen, doorgedreven en toch brede opleidingen die de Faculteit Wetenschappen studenten aanrijkt hiervoor mee borg staan.

Lieve Declercq, hoofd van een Europees Biologisch Onderzoekslaboratorium

lieve_biochem.jpgIn 1990 behaalde ik mijn doctoraat Biochemie aan de KU Leuven, en aanvullend een certificaat in Dermato-Cosmetische Wetenschappen. Hiermee kon ik onmiddellijk aan de slag bij een groot cosmetisch bedrijf dat in België een productie-eenheid, een distributiecentrum en een onderzoekscentrum heeft. Via verschillende functies ben ik sinds 1999 hoofd van het Europees Biologisch Onderzoekslaboratorium geworden, een functie die heel boeiend en uitdagend is omwille van zijn internationaal karakter, de uitgebreide waaier aan activiteiten en de snelle evolutie binnen de sector. De brede algemene wetenschappelijke opleiding, een getrainde kritische geest en een solide biochemische achtergrond komen hierbij uitstekend van pas. Wij onderzoeken heel uiteenlopende fenomenen zoals de effecten van de zon, roken, luchtvervuiling, psychologische stress, geuren en voeding die allemaal een rol spelen in hoe de huid zich gedraagt en hoe snel ze veroudert. Hierbij bestuderen we fundamentele biochemische processen, ontwikkelen nieuwe plantenextracten met een welbepaalde activiteit en tonen in klinische studies aan wat het effect is op de huid. Samenwerking met verschillende universiteiten, onder andere de KU Leuven, is voor ons van essentieel belang om onze kennis op een hoog wetenschappelijk niveau te brengen en te houden. Je begrijpt dat we ons hier niet snel zullen vervelen!

Gerd Verheyden, Hoofd R&D purification group & Team leader Process Development group – Purification

Nadat hij afstudeerde als licentiaat in de biochemie en vervolgens zijn graad van doctor in de wetenschappen behaalde, vervoegde Gert een biofarmaceutisch bedrijf waar hij momenteel de ontwikkeling van eiwitzuiveringsprocessen en fysicochemische produktkarakterisatie op research schaal leidt. Voorts is hij verantwoordelijk voor het aansturen van verdere downstream process optimalisatie activiteiten, zodat een efficiënte protocoltransfer naar de manufacturing unit verzekerd wordt. Hij weet zijn gekregen opleiding ten zeerste te waarderen: “Er wordt een veelzijdige theoretische én praktische vorming aangeboden, die je een zekere flexibiliteit geeft gedurende je verdere carrièreontwikkeling. De stevige, brede wetenschappelijke basis die gelegd wordt gedurende je studies, laat je toe om verder te specialiseren in één deeldomein of een meer polyvalente expertise uit te bouwen. Zeker een aanrader voor gemotiveerde mensen met een gezonde wetenschappelijke honger en veel ondernemingszin!”

Biologie

Claude Belpaire, Instituut voor Bosbouw en Wildbeheer

Binnen het Instituut voor Bosbouw en Wildbeheer leidt Claude Belpaire een ploeg wetenschappers die onderzoek uitvoeren dat gerelateerd is met kwaliteit oppervlaktewater en visbestand. Eén aspect dat hun bijzondere aandacht wegdraagt is het paling-pollutiemeetnet.

belpaire_biol.jpgIn 1982 behaalde Claude Belpaire zijn diploma dierkunde aan de KU Leuven. Zijn bijzondere interesse voor vissen bleek al uit de keuze van zijn eindwerk waarbij hij de systematiek van Afrikaanse vissen uit een zoetwatermeer in Ruanda bestudeerde, onder begeleiding van de professoren Dirk Thys van den Audenaerde en Guy Teugels, beide eminente Leuvense ichthyologen. Als assistent bij prof. Frans Ollevier lag hij mee aan de basis van de uitbouw van het Laboratorium voor Ecologie en Aquacultuur, dat later uitgroeide tot een belangrijke onderzoekseenheid inzake aquatische ecologie. In 1991 werd hij als onderzoeker aangesteld aan het Instituut voor Bosbouw en Wildbeheer te Groenendaal, een onderzoeksinstelling van de Vlaamse overheid, dat onder meer beleidsgericht visserijkundig onderzoek in zoetwaterecosystemen van Vlaanderen uitvoert. Hij slaagde erin om deze onderzoekseenheid geleidelijk verder te ontwikkelen, via aanwerving van medewerkers op projectmatige basis en zo een jong, dynamisch en enthousiast team rond zich te krijgen. Zo wordt momenteel actief gewerkt rond vismigratie en daaruit voortvloeiend de bouw van vistrappen aan stuwen op onze waterwegen. Ook werd er in 2000 gestart met een Meetnet Zoetwatervis met als doel de ruimtelijk en temporele variaties en evoluties van onze visbestanden op te volgen. De toestand van de Vlaamse vispopulaties kan immers als graadmeter voor de ecologische toestand van onze waterlopen gebruikt worden, dit werd mede mogelijk gemaakt door de ontwikkeling van een visindex. Ook de chemische polluentbelasting van onze waters kan via de vissen in kaart gebracht worden. Hiertoe werd een Palingpolluentenmeetnet opgestart waarbij de chemische belasting van contaminanten in het palingspierweefsel indicator is voor de aanwezigheid van deze verontreingende in het milieu. Omwille van de geduide risico’s voor de volksgezondheid lag het onderzoek mee aan de basis van het instellen van een norm op PCB’s in vis en het uitvaardigen van (meeneem)beperkingen voor de hengelsport. Op de viskwekerij van Linkebeek wordt momenteel in het kader van soortherstelprogramma’s baanbrekend werk verricht rond de kweek van bedreigde inheemse vissoorten. De rode draad in het Groenendaalse onderzoek is het beleidsgericht karakter, maar ook de samenwerkingsverbanden met de (inter)nationale academische wereld worden niet vergeten (onder andere via het begeleiden van eindwerken van studenten). Claude Belpaire heeft met zijn team Groenendaal uitgebouwd tot een brug tussen onderzoek en beleid voor wat betreft onze aquatische ecosystemen.

Dirk Draulans studeerde biologie aan de Faculteit Wetenschappen

draulans.jpg"Als kind introduceerde mijn grootvader me in de geheimen van de tuin, zoals de gescheiden bloempjes van de hazelaar. Als tiener bracht ik het grootste deel van mijn tijd in de vrije natuur door, op zoek naar vooral vogels. Het leek de evidentie zelve dat ik biologie zou gaan studeren, hoewel sommigen in mijn omgeving vonden dat ik iets nuttigers moest gaan doen dan naar beestjes kijken. Ik heb even getwijfeld of ik dierenarts zou gaan studeren, maar uiteindelijk werd het toch dierkunde. Ik heb er geen seconde spijt van gehad. In 1979 werd ik licenciaat aan de KU Leuven. Ik kon zelfs een doctoraat maken, over blauwe reigers op viskwekerijen, waarvoor ik in het broedseizoen honderden hoge bomen beklom om jonge vogels in hun nest te onderzoeken, en in de winter wekenlang in een kleine caravan doorbracht op een viskwekerij. Het was allemaal boeiend en leerzaam. In 1983 behaalde ik mijn doctoraat. Nadien deed ik nog twee postdoctorale mandaten, een in Leuven en een tweede aan de gerenommeerde universiteit in het Engelse Oxford, waar ik me vooral met evolutiemodellen bezighield. In 1987 stapte ik over naar de journalistiek, als wetenschapsredacteur van het weekblad Knack, waar ik nu nog altijd aan verbonden ben. En hoewel de verlokkingen van de harde journalistiek me regelmatig uit de greep van de wetenschap haalden, ben ik toch altijd over wetenschappelijk werk blijven rapporteren. Ik meen zelfs dat mijn wetenschappelijke achtergrond me uitermate geschikt maakte om moeilijke journalistieke dossiers in de vingers te krijgen, en om op een andere manier naar oorlogssituaties te kijken dan ‘klassieke’ journalisten. Meer aandacht voor demografische en biologische aspecten van geweld, bijvoorbeeld, versus historische en politieke. Sinds kort werk ik ook wekelijks voor radio en televisie, om wetenschap in extreme vorm te populariseren. Ik vind het geweldig om in De Laatste Show op TV1 applaus te vragen voor de natuur en biologie te verheffen tot cafépraat. Hoe meer mensen beseffen dat wetenschap overal zijn rol speelt, hoe beter. Voor wanneer de eerste docusoap over wetenschappers?"

Geografie

Neem hier een kijkje...

Geologie

Lees hier meer...

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Science@Leuven Fund

sociale media