U bent hier: Master in het toerisme Evaluatie

Evaluatie

marktplein.jpgAfhankelijk van het type opleidingsonderdeel en de door de docent gebruikte werkvorm, zal de evaluatie gebeuren via een klassiek (mondeling en/of schriftelijk) examen of via het schrijven en in sommige gevallen presenteren van een paper of rapport (bijvoorbeeld voor de opleidingsonderdelen van de septemberprogramma’s en voor het praktijkproject met analyse van geïntegreerde cases. Ook de masterproef (15 studiepunten) maakt deel uit van de evaluatie. De manier van evalueren wordt meegedeeld door de docenten, is te vinden bij de beschrijving van de afzonderlijke opleidingsonderdelen alsook, voor bepaalde opleidingsonderdelen, in het examenreglement van de Faculteit Wetenschappen.

Wat het totale examenresultaat betreft geldt, zowel voor het schakelprogramma als voor het voorbereidingsprogramma en voor de eigenlijke masteropleiding dat een student die op een bepaald opleidingsonderdeel ten minste 10 punten op 20 behaalt, voldoet voor dit opleidingsonderdeel en dat een student het credit voor dit opleidingsonderdeel behaalt. Men kan ten slotte ook niet slagen voor een opleidingsonderdeel als men aan een deel van de evaluatie niet heeft deelgenomen (bv. een ontbrekende paper of rapport). Indien een student voor bepaalde opleidingsonderdelen de vereiste 10 punten op 20 niet behaalt, gelden de tolerantiecriteria die gangbaar zijn voor de diplomaruimte in het algemeen en voor de Faculteit Wetenschappen in het bijzonder (de tolerantiecriterie gelden niet voor alle opleidingsonderdelen). Hetzelfde geldt voor het toekennen van graden. De examenreglementen kan je vinden op deze website (algemeen examenreglement en facultaire aanvullingen, en toelichtingen) terugvinden.

Het schakelprogramma

Studenten die niet slagen voor het schakelprogramma, geëxamineerd in januari, kunnen de masteropleiding in toerisme aanvatten indien zij regelmatig aan de oefenzittingen en seminaries hebben deelgenomen, indien zij geslaagd zijn op een aantal opleidingsonderdelen ter waarde van minimum 23 studiepunten en minstens 54% halen. Herexamens kunnen afgelegd worden in september van hetzelfde academiejaar.

Het voorbereidingsprogramma

Studenten die in de examenperiode van januari niet slagen voor het voorbereidingsprogramma, kunnen toch de masteropleiding in toerisme aanvatten indien zij regelmatig aan de oefenzittingen en seminaries hebben deelgenomen, indien zij geslaagd zijn op een aantal opleidingsonderdelen ter waarde van minimum 18 studiepunten en minstens 54% halen. Herexamens kunnen afgelegd worden in september van datzelfde academiejaar.

De masteropleiding in toerisme

Studenten met onvoldoendes in de junizittijd, dit is na het deel1-programma van de masteropleiding in toerisme kunnen herexamens afleggen in september (desgevallend samen met herexamen voor één van de voorbereidende trajecten). Studenten kunnen, na het deel1-programma, altijd doorstromen naar het deel2-programma van de masteropleiding, tenzij zij hun bachelordiploma nog niet behaald hebben. Men kan toleranties inzetten voor zover de tolerantiedrempel niet is overschreden (zie tolerantieregels; die bovendien niet gelden voor alle opleidingsonderdelen).

Studenten die in januari van het daarop volgende academiejaar, niet airport.jpgslagen in de masteropleiding in toerisme kunnen herexamens afleggen in september (desgevallend samen met herexamens voor schakelprogramma of voorbereidingsprogramma). Studenten kunnen ook in juni hun masterproef verdedigen op voorwaarde dat zij voor alle andere opleidingsonderdelen hebben voldaan. De algemene regel geldt dat men ten hoogste tweemaal examen kan afleggen van hetzelfde vak binnen hetzelfde academiejaar.

Men kan niet slagen voor de masteropleiding in toerisme vooraleer men geslaagd is voor het voorbereidende traject (schakelprogramma of voorbereidingsprogramma). De deliberaties en proclamaties voor het schakel- en voorbereidingsprogramma zullen bijgevolg altijd de deliberatie en proclamatie van de masteropleiding in toerisme vooraf gaan. Men slaagt ook niet bij een tekort op de masterproef en/of het praktijkproject van de geïntegreerde cases.